Distributie,
internetverkoop en de exclusiviteit van een merk
Veel merken leven bij de gratie van
reputatie en exclusiviteit. Dat karakter kan bewaakt worden door strenge eisen
te stellen aan de distributie van het product. Moet het product in een brick and mortar shop worden verhandeld en liever niet via online verkoop? Moet het
verkooppunt van de distributeur ook een ondersteunend productassortiment
aanbieden? Mag er gestunt worden met prijzen? En hoe gekwalificeerd en opgeleid
moet het personeel zijn? Het antwoord is dat het allemaal afhankelijk is van de
omstandigheden. De producent heeft geen volledige controle over de wijze waarop
zijn eigen product verkocht wordt.
Distributie en distributieregels
Distributie omvat het op de markt
brengen van een product en alles wat met de verhandeling van het product
samenhangt. Dus bijvoorbeeld ook het maken van reclame. Het gaat bij
distributieregels om het scheppen van de voorwaarden waar een distributeur aan
moet voldoen volgens de producent. Het recht geeft een specifiek juridisch
kader waarbinnen producent en afnemer dergelijke afspraken kunnen maken. Die
regels komen hierna aan bod. In dit artikel zal eerst worden stilgestaan bij de
verhouding tussen de producent en de distributeur. Beide partijen hebben belang
bij goede verkoopcijfers. Maar de onderlinge verhouding kan ook tegengestelde
belangen bevatten. Een kledingproducent wil voorkomen dat zijn op haute couture gerichte merk tussen
synthetische joggingpakken bij een discounter komt te liggen. Dat lijkt een
extreem voorbeeld maar is niet zo ver van de werkelijkheid verwijderd als het
lijkt. Er is herhaaldelijk geprocedeerd over gevallen waarin een producent vond
dat zijn product niet door een prijsvechter mocht worden verkocht en dat via de
rechter probeerde te verbieden. Neem bekende merken zoals G-Star, Lancôme en Batavus.
Het mededingingsrecht
Het stimuleren van concurrentie is een
groot goed. Daarom heeft de Europese Commissie een aantal “verboden” afspraken
tussen producenten en distributeurs aangeduid als hardcore restricties van de vrije handel. Dat zijn afspraken die vrijwel
altijd ontoelaatbaar zijn. Dat betekent concreet dat ze kunnen worden
vernietigd en zelfs de hele overeenkomst kunnen aantasten. Of dat de
Nederlandse Autoriteit Consument en Markt (ACM) of de Europese Commissie (EC) mogelijk
een heel hoge boete opleggen. Deze hardcore restricties gelden in feite voor
alle ondernemingen. Dus ongeacht de omvang van die onderneming. Een eenmanszaak
blijft niet automatisch gevrijwaard van deze regels van mededingingsrecht.
Verder geldt dat partijen die meer dan 30% marktaandeel hebben een bijzondere
plaats innemen. De afspraken tussen producent en distributeur die in dit
artikel worden behandeld zijn niet altijd toelaatbaar voor partijen met zulke
grote marktmacht. Het Europese mededingingsrecht geldt in beginsel voor
overeenkomsten met een grensoverschrijdend karakter. Het is echter wel zo dat
de Nederlandse wet wordt uitgelegd op een met de Europese regels
overeenstemmende manier.
Wat kan er wel en niet worden afgesproken?
Er staan de producent vrij veel
mogelijkheden ter beschikking. Een goed voorbeeld is dat parfums van Lancôme slechts kunnen worden ingekocht door “erkende” distributeurs
die voldoen aan een aantal objectieve criteria die door de producent zijn
opgesteld. Dat wordt aangeduid als een zogenaamd selectief distributiestelsel.
Een distributeur mag pas toetreden tot dat stelsel als hij aan een lijst met
door de producent opgestelde criteria voldoet. Dat kunnen eisen zijn aan onder
meer het personeel, het verkooppunt en aan het bedrijf van de distributeur
zelf. Bijkomend voordeel van het selectieve distributiestelsel voor de
producent is dat de erkende distributeur alleen mag leveren aan de eindafnemer
en andere leden van het selectieve distributiestelsel. Zo wordt het dumpen van
grote partijen bij discounters voorkomen. Er kleven echter ook nadelen aan dit
systeem. Het kan erg lastig zijn om de naleving van de afspraken te controleren.
Het opsporen van een “lek” in het systeem is feitelijk lastig en de juridische opties
zijn wankel. En het is in principe ook zo dat een selectief distributiestelsel
open staat voor iedereen die aan de objectieve criteria voldoet. Zo verliest de
producent een deel van de contractvrijheid – hij is dan verplicht te leveren
aan degene die zich aanmeldt.
Daarnaast zijn er nog andere
mogelijkheden voor de producent om de distributeur in meer of mindere mate te
“sturen”. Het meest omvattend is het exploiteren van een franchise formule. Bij
franchise wordt het product alleen op een door de producent bedachte wijze –
exclusief binnen dat franchise systeem – aangeboden. De producent kan ook
werken met exclusieve contracten voor een bepaald geografisch gebied of een
bepaalde klantenkring. De producent zoek dan zelf een geschikte distributeur
uit voor het gebied of de klantenkring. Wel gelden hier weer een aantal belangrijke
beperkingen voor. Tot slot kan worden gedacht aan een adviesprijs die de
producent bekend maakt aan de distributeur. Maar een adviesprijs mag niet het
karakter krijgen van een prijsafspraak. Prijsafspraken zijn per definitie
verboden.
Internetverkoop
Een heikel punt in de relatie tussen
producenten en afnemers is internetverkoop. Internetverkoop is naast de traditionele
verhandeling van de producten via fysieke verkooppunten bijna niet meer weg te
denken. Vaak willen producenten niet dat hun product (uitsluitend) wordt
verkocht tegen dumpprijzen op internet, zonder goed personeel ter plekke en
zonder de overige meerwaarde van een fysiek verkooppunt zoals uitstraling,
aankleding en dergelijke. Internetverkoop moet in beginsel altijd aan de
distributeur worden toegestaan volgens de regels van het Europese
mededingingsrecht. Wel is het zo dat de producent bepaalde beperkingen mag
opleggen waardoor die vrijheid toch aardig wordt ingeperkt. Te noemen zijn
eisen ten aanzien van bijvoorbeeld de hoeveelheid producten die naast internet
ook “offline” moet worden verkocht. Of de beperking van actieve internetverkoop
binnen het exclusieve verkoopgebied van een ander. Het gaat om een ingewikkeld
en soms tegenstrijdig samenspel van regels die steeds een scherpe analyse
vereisen aan de hand van de concrete omstandigheden.
Merkenrecht
Naast de mededingingsrechtelijke
aspecten in de relatie tussen de producent en de distributeur is ook het
merkenrecht van belang. Het merkenrecht geeft mogelijkheden op te treden tegen een
schadelijke wijze van verhandeling van – vooral de meer prestigieuze – merken.
Het merkenrecht is uiteraard slechts van toepassing wanneer er sprake is van
een geldig ingeschreven merk. Aangenomen mag worden dat vrijwel iedere
professionele producent een aantal Benelux- of een EU merk geregistreerd heeft.
Die gelden binnen de Benelux respectievelijk alle 27 landen van de Europese
Unie. Het merkenrecht is echter met name
een vangnet voor het bestrijden van bijzondere situaties in een
distributierelatie. Bijvoorbeeld het geval dat een distributeur een (al te dik
aangezette) commerciële band met het merk suggereert of de reputatie van het
merk zou schaden. Dat laatste zou zich kunnen voordoen wanneer er producten met
een duidelijk schadelijk imago worden aangeboden naast de producten van de
producent.
Slot
Er zijn mogelijkheden voor producenten
om invloed uit te oefenen op het distributieproces. Maar dat vereist in de
regel ook een investering van de producent en een goed doordachte strategie. Het
gaat echter wel om vrij gecompliceerde regelingen, die afhangen van het type
product en de gewenste distributievorm.
Jurian van Groenendaal is advocaat bij
Boekx Advocaten Media & Intellectuele Eigendom te Amsterdam vangroenendaal@boekx.com (www.boekx.com).
NB. Dit artikel is eerder verschenen in het blad Marketing Rendement
Geen opmerkingen:
Een reactie posten